Besprekingen
Jawel, Mario Vargas Llosa kan het nog
Nobelprijswinnaar Mario Vargas Llosa (76) is op zijn best als hij schrijft over militairen en politieke intriganten. Als geen ander kan hij in hun hoofden kruipen, zo bewijst hij opnieuw in zijn nieuwe roman Bittere tijden.
Na een paar wat mindere boeken heeft de Peruaanse schrijver Mario Vargas Llosa, die in 2010 de Nobelprijs voor literatuur kreeg, eindelijk weer eens een goede roman geschreven, over een staatsgreep in Guatemala in de jaren vijftig. Dat Midden-Amerikaanse land, met toen 3 miljoen inwoners, beleefde van 1951 tot 1954 een korte democratische lente, die uiteindelijk vakkundig om zeep werd geholpen door het leger - 8.000 man sterk - en de Amerikaanse CIA. Met 8.000 soldaten kon je in die tijd, en misschien nog steeds, een bevolking van 3 miljoen mensen best onder de duim houden.
De omvergeworpen regering werd met name door de Amerikanen geframed als communistisch. Ten onrechte. Het waren eerder sociaal-liberalen die wat wilden doen aan de enorme verschillen tussen arm en rijk. Ze wilden braakliggende landbouwgronden onteigenen en aan de arme Indiaanse plattelandsbevolking geven.
Llosa noemt het een sleutelmoment in de geschiedenis van Latijns-Amerika. De brute omverwerping…Lees verder
Onderonsjes met dictators
Nobelprijswinnaar Mario Vargas Llosa (84) laat de niemendalletjes achter zich met Bittere tijden, zijn nieuwe roman over dictators en femmes fatales.
Dictators zijn een ramp voor de mensheid, maar een zegen voor de literatuur. In Latijns-Amerika is aan despoten geen gebrek en daar doet menig schrijver zijn voordeel mee. Bekende dictatorromans zijn De herfst van de patriarch van Gabriel García Márquez, De methode van Alejo Carpentier en De president van Miguel Ángel Asturias, maar ook Mario Vargas Llosa laat zich dankbaar door autoritaire regimes inspireren. Gesprek in De Kathedraal (1969) speelt in de tijd van de Peruaanse dictator Manuel Odría en Het feest van de bok (2000) in de Dominicaanse Republiek van Rafael Leónidas Trujillo.
De jongste jaren produceerde de Peruaanse Nobelprijswinnaar hooguit twee teleurstellende niemendalletjes, De bescheiden held en Voor uw liefde, maar met Bittere tijden is hij helemaal terug van weggeweest. Zijn jongste gaat over de militaire coup tegen de Guatemalteekse president Jacobo Árbenz Guzmán, en als het op staatsgrepen, geweld en machts…Lees verder
De macht van bananen
Wie dacht dat Mario Vargas Llosa een lichtvoetige versie van zichzelf was geworden, had het mis. Bittere tijden is een spannende, door en door politieke roman over hoe een Amerikaan de geschiedenis van Guatemala bepaalde.
'Goede propaganda is een onzichtbare vorm van regeren', schreef de Amerikaanse immigrantenzoon Edward Bernays in 1928. Voortbordurend op de ideeën van zijn oom Sigmund Freud stelde hij dat propaganda de massa stuurt zoals het onbewuste dat bij het individu doet. De politiek en het bedrijfsleven moesten hun voordeel doen met dit inzicht, dat zou de economie en ook de democratie ten goede komen. Want, zo stelde Bernays zonder blikken of blozen, 'het bewust en intelligent manipuleren van de georganiseerde gewoonten en meningen van de massa is een belangrijk element in een democratische samenleving'.
Bernays' opvattingen hadden een enorme impact in Amerika en daarbuiten. Ze kwamen Goebbels goed van pas bij het opzetten van de propagandamachine van de nazi's. En zonder de bemoeienissen van Bernays zou de recente geschiedenis van Guatemala er heel anders hebben uitgezien. Dat is de stelling die Mario Vargas Llosa met verve uitwerkt in Bittere tijden, een door en door politiek…Lees verder
Literaire viagra
BOEKENBAL
Mario Vargas Llosa heeft flink aan de literaire viagra gezeten. In de nieuwe roman van de 84-jarige Nobelprijswinnaar wordt niet alleen gretig aan ‘gleuven gelikt’ en vroegtijdig geëjaculeerd, ‘Bittere tijden’ is ook een uiterst vitale historische roman die naar de 20ste-eeuwse Latijns-Amerikaanse geschiedenis kijkt zoals een kind naar een bak vol Play-Doh: als kleurrijk spul om naar hartenlust te kneden. De geschiedenis die de Peruviaanse auteur in een wervelende vertelling als klei door zijn handen laat gaan, is die van de door de CIA beraamde militaire coup waarmee kolonel Carlos Castillo Armas in 1954 de macht greep in Guatemala. Een interventie die volgens Vargas Llosa de democratisering van het hele continent met tientallen jaren heeft vertraagd en vele duizenden levens heeft gekost. Toch maakt de schrijver, die in 1990 in zijn eigen land de presidentsverkiezingen verloor van de corrupte kandidaat Alberto Fujimori, er allerminst een somber verhaal…Lees verder
Briljante machtspelletjes
Mario Vargas Llosa is op zijn best als hij schrijft over militairen en politieke intriganten
Na een paar wat mindere boeken heeft de Peruaanse Nobelprijswinnaar Mario Vargas Llosa eindelijk weer eens een goede roman geschreven, over een staatsgreep in Guatemala in de jaren vijftig. Dat Midden-Amerikaanse land, met toen 3 miljoen inwoners, beleefde van 1951 tot 1954 een korte democratische lente, die uiteindelijk vakkundig om zeep werd geholpen door het leger (8000 man sterk) en de Amerikaanse CIA. Met 8000 soldaten kon je in die tijd, en misschien nog steeds, een bevolking van 3 miljoen mensen best onder de duim houden.
De omvergeworpen regering werd met name door de Amerikanen geframed als communistisch. Ten onrechte. Het waren eerder sociaal-liberalen die wat wilden doen aan de enorme verschillen tussen arm en rijk. Ze wilden braakliggende landbouwgronden onteigenen en aan de arme Indiaanse plattelandsbevolking geven.
Llosa noemt het een sleutelmoment in de geschiedenis van Latijns-Amerika. De brute omverwerping van deze democratisch gekozen regering zou vo…Lees verder