Daisy-online

Zo kan het niet langer : gedichten

Zo kan het niet langer : gedichten
×
Zo kan het niet langer : gedichten Zo kan het niet langer : gedichten
Daisy-online

Zo kan het niet langer : gedichten

Nederlands
2018
Volwassenen
Speelduur: 0:45
Een dichtbundel vol vluchtwegen voor de moderne mens. Een koude douche voor het ego.
Daisy-boeknummer 26983
Titel Zo kan het niet langer : gedichten
Auteur Paul Bogaert
Verteller Ray Verhaeghe (inlezer)
Taal Nederlands
Distributeur Brussel: Luisterpunt, 2018
1 cd
Speelduur 0:44
Oorspr. uitgever Polis
Aantekening Vlaamse stem
Stem: Man

De Morgen

Er is geen ontkomen aan wat daar buiten is
Paul Demets - 31 januari 2018

De dichter in Remco Campert hanteert in Open ogen een andere toon dan we van hem gewoon zijn: directer, en explicieter dan ooit betrokken op de gebeurtenissen in de wereld. De gedichten in deze bundel hebben een grote urgentie. Alsof de dichter (88) vond dat hij zich moest uitspreken voor het te laat is. In zekere zin doet dit denken aan de combattieve toon in de poëzie van Remco's vader Jan Campert, de auteur van het verzetsgedicht 'Het lied der achttien doden'.

In het gedicht 'Hand' komen het gedroomde beeld van Remco's vader die in het concentratiekamp Neuengamme bedelt om brood en de hand van een vluchteling die verdrinkt zelfs samen voor: 'de man die zijn hand door prikkeldraad stak/ en mij smeekte om brood/ de man die verdronk in de middelbare zee/ zijn desperate gezicht voor hij onder ging/ nog even stak zijn hand boven het water uit.'

De dichter voelt zich bijna schuldig omdat hij vroeger minder met de wereld bezig was, zoals hij in 'Waar?' noteert: doof in mijzelf gewikkeld/ blind voor de wereld/ wat op me afkwam/ stootte ik af/ in hart en navel dacht ik/ IK'.

De huid van de dichter is dunner geworden. De emoties stromen sterker binnen. Hij herinnert zich zijn vrienden Lucebert, Rudy Kousbroek en herdenkt het nakende einde van Eddy van Vliet. Beelden van de Tweede Wereldoorlog en van de vluchtelingen in deze tijd komen hem bestoken. Ondanks alles blijft Campert aan de slag met de taal, zoals in het gedicht dat ik koos. De worsteling van de dichter in Open ogen is ontroerend.

Regelneverij

Ook in de poëzie van Paul Bogaert waren de spoken van de maatschappij rond. Het smeltwater van de manier waarop de samenleving gestructureerd is, dringt binnen in Zo kan het niet langer. In zijn vorige bundels etaleerde hij al zijn grote vermogen om de regelneverij binnen het menselijk bedrijf te verwoorden en op een vriendelijke manier een spiegel voor te houden. In het voorlaatste gedicht lezen we bijvoorbeeld: 'Eindelijk, het nieuwe jaarverslag!/ De ragfijne terzijdes, de rondzwevende haakjes./ Het constante geschud en gezift. Het gespin/ over het zeven van de verbeteringen/ en het verbeteren van de zeven. Het geklingklang aan de mond/ van de clichéoven.'

De catastrofes en het wereldleed worden door onze systemen zo veilig mogelijk buiten gehouden. Het is intrigerend hoe Paul Bogaert die dreiging in heel wat gedichten laat voelen, maar meestal, met haarscherpe ironie, onder het oppervlak houdt. Net zoals de maatschappij dat doet. Hij verhult, ook weer zoals de maatschappij, met haar nietszeggende formuleringen, zoals in het slotgedicht: 'Sluit af met/ ik meen u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd/ Ga langs de achterdeur. Die valt/ vanzelf in het slot.'

Af en toe wordt hij wel expliciet kritisch, zoals hier: 'Onze generatie zal moeten wennen/ aan een besmettelijke zenuwlach, overleven/ op overmoed, ten onder gaan in zelfbeklag.// Onze kinderen zullen worden opgevoed/ door halsbandparkieten/ die hun voorzetsels niet kennen.'

Ja, er zijn ook gedichten over opgroeiende kinderen. En erotische gedichten: 'Door/ de behandeling/ ontstaat langzaam de heat map/ waarin wij bovengronds horizontaal/ de ruimte heelhuids en diagonaal privatiseren'. In Zo kan het niet langer toont Paul Bogaert de tredmolen van het leven. Na lectuur van deze bundel zou je willen ophouden met meetrappen. Maar dat is geen optie.

Heidschoon

Zoveel wegen blies ik achter me op

niet meer terug kunnen luchtte me op

poëzie hoeft sinds lucebert

niet meer mooi of schoon te zijn

'schoonheid heeft haar gezicht verbrand'

dynamiteer de woorden in hun pracht en praal

ontplofte woorden verspreiden hun bloedende letters

scherven van een spijkerbom

maar

ik kan het niet laten

raap scherven op

en smelt ze om tot nieuwe woorden

heidschoon zapro ziepoe

Remco Campert

Zo kan het niet langer

De vraag was voorzichtig verpakt.

Als betrof het iets kleins.

Maar ik voelde meteen de hangar van de ernst.

Als betrof het een explosief.

Zo voorzichtig begon het

zakdoek leggen.

ik ging tekeer om niet te bevriezen

in de verbale en non-verbale signalen

tot ik vast kwam te zitten in de titel

van de onzichtbare debatfiche.

Hoe vuil zal het smeltwater zijn?

Paul Bogaert