Livre
Néerlandais

De geschiedenis van mijn leven : autobiografie van een katholieke Berbervrouw

De geschiedenis van mijn leven : autobiografie van een katholieke Berbervrouw

Dans la série:
Levensgeschiedenis van een Tunesische rooms-katholieke Berbervrouw (1882-1967).
Titre
De geschiedenis van mijn leven : autobiografie van een katholieke Berbervrouw
Auteur
Fadhma Aïth Mansour Amrouche 1882-1967
Traducteur
Hester Tollenaar
Langue
Néerlandais
Langue originale
Français
Titre original
Histoire de ma vie
Éditeur
Amsterdam: Uitgeverij Jurgen Maas, 2018
278 p.
ISBN
9789491921421 (paperback)

Commentaires

Waardevol relaas over een zwaar vrouwenleven

In de Berberbibliotheek is onlangs De geschiedenis van mijn leven verschenen, het autobiografisch relaas van een katholieke, Kabylische vrouw van eenvoudige komaf. Gedurende haar lange leven heeft ze zich vrijwel altijd een buitenstaander gevoeld.

Fadhma Aïth Mansour Amrouche is in 1882 in Noord-Algerije geboren, als buitenechtelijk kind. Haar moeder wordt door de dorpsgemeenschap buitengesloten en Fadhma kan zich beter niet vertonen. Na een paar jaar op een Frans internaat, waaraan ze haar mooiste herinneringen bewaart, gaat ze op haar 13de in de kost bij een door nonnen geleid ziekenhuis. Ze raakt vertrouwd met het katholieke geloof. Voor haar huwelijk drie jaar later laat ze zich dopen.

Over haar geloof is ze heel praktisch, net als over de rest van het leven. Want wat je vooral bijblijft na het lezen is hoezeer leven een kwestie was van overleven. Steevast noemt Amrouche wie langskwam en welke geschenken (olijfolie, honing, meel, vijgen of dadels) meenam. Wie er gastvrij was en wie haar (vermoedelijk) heeft bestolen. Van de paters die het gezin steunen tijdens hun verblijf in Tunis, waar haar echtgenoot werk heeft gevonden, noteert ze nauwgezet het bedrag dat ze met N…Lire la suite

Het levensverhaal van een rooms-katholieke, Kabylische Berbervrouw (1882-1967) in Tunesië in de eerste helft van de twintigste eeuw. Het boek is een opsomming van familiale verplichtingen, huishoudelijke taken, afhankelijkheid van de kloosters in het gebied, talloze verhuizingen, geboortes, huwelijken, ziekten en dood. Tot enige diepgang of reflectie komt het niet. Het duizelt van de namen. Achterin staan een verklarende woordenlijst en een overzicht van familierelaties. De vertelster slaagt er niet in de lezer mee te zuigen in haar leven of haar tijd. Vooral geschikt voor lezers die specifiek geïnteresseerd zijn in de bevolkingsgroep of de streek.

Poëtische Berber-moeder

De herinneringen van een in 1967 gestorven Berbervrouw tonen

Ze werd in 1882 als buitenechtelijk kind geboren in een dorp in Kabylië, in het noorden van Tunesië. Haar moeder was een jonge weduwe met twee zoontjes die zwanger was geworden van een dorpsgenoot. Haar minnaar ontkende dat hij de vader was. De moeder hertrouwde met een verstandige, zorgzame man, maar ging niet met hem mee toen hij na de dood van zijn oudste broer diens plaats in zijn eigen familie moest innemen. Ze hield haar gezin in leven met het voedsel dat ze zelf verbouwde en de opbrengst van de gewassen die ze op de markt verkocht. Ze was een dappere, doortastende vrouw. "De tatoeage op mijn kin is meer waard dan een mannenbaard", placht ze te zeggen.

Haar kleine dochtertje werd het mikpunt van spot en smaad; andere kinderen sloegen haar. Haar moeder bracht haar naar een Frans nonnenklooster, maar ook daar werd ze mishandeld. Gelukkig kon ze terecht bij een Franse meisjeskostschool; Tunesië viel destijds nog onder de heer…Lire la suite

À propos de Fadhma Aïth Mansour Amrouche

Fadhma Aït Mansour Amrouche (en kabyle : Faḍma At Menṣur), née en 1882 à Tizi Hibel (dans l'actuelle daïra d'Aït Mahmoud, en Algérie et morte le 9 juillet 1967 à Saint-Brice-en-Coglès (Ille-et-Vilaine), est une femme de lettres algérienne d'expression française, mère des écrivains Jean et Taos Amrouche.

Biographie

Origines

La mère de Fadhma, Ayna Aït Larbi U-Saïd ( εina At Lεarbi U Saεid), née à Tizi Hibel (actuelle wilaya de Tizi-Ouzou) en Algérie, est d'abord mariée très jeune à un homme beaucoup plus âgé, avec qui elle a deux enfants. À la mort de son mari, elle décide de vivre seule avec ses deux enfants, refusant l'offre de son frère Kaci de venir habiter chez leur mère, comme le voudrait la coutume. Son frère la renie : écartée de la famille, elle ne peut pas assister aux funérailles de sa mère.

En lire plus sur Wikipedia